eigenschappen toegerust, tot eindelijk een stralenkrans van denkbeeldige charmes hem in mijne oogen omgaf. Alles scheen mij in hem even schoon en edel toe en weldra dweepte ik, zooals alleen maar een jong meisje kan dweepen. Het is bijna heiligschennis om zulke gemoedsaandoeningen te beschrijven,… … De molen werd dikwijls uitgeteekend . . . . scliouwde mijn arme vrien- din met diep medelijden, die met zulke schoone gevoelens onbekend was. Het scheen mij toe alsof mijn liefde mij veredelde, ik streefde er naar op mijn ideaal te gaan gelijken , want anders, dacht ik, zou ik hem nooit waardig…
Art · Dutch literature
Internet Archive · Getty Research Institute · Public domain (published before 1931). Free to use for anything.