t, en vóór zijn doovende oogen zijgt de duistre schaal, 'lijk ’t welven neigt der nacht ten vaalren lucht ; . . . — gelijk een man die, moede en mak, n vree zijne avond-korste brak en dan de ruste beidt : zoo heb ik, aller vreugd ten koop, mijn eenig heil, mijn een’ge hoop den dooven nacht gewijd.…
Art · Dutch literature
Internet Archive · Getty Research Institute · Public domain (published before 1931). Free to use for anything.