Vorstelijcke warande der dieren : waer in de zeden-rijcke philosophie, poëtisch, morael, en historiael, vermakelijck en treffelijck wort voorgestelt : mit exempelen uyt de oude historien, in prose (1682)
Vondel, Joost van den, 1587-1679, Gheeraerts, Marcus, b. ca. 1520 · Amsterdam : Sander Wybrantsz, Jan Blom, Andries Vinck, en Aert Dircksz. Oossaen · leaf 173
en hol, uy t doodelijcken haet.De /^//Tgeraeckt om hals, enKeyntjen nood zich zelvenOp t wiltbraed, dat hij vind in s hollen klip gewelven:Verbraft hem aen het vet, 200 dat hij felfs (helaes!)Ten leften deerlijck word der feller honden aesw„ Al wie uy t nijdigheyd een ander neemt te plagen,„ Een… … DErgelijcke bedroch bevindt zich aller tijdt toegedragen tehebben:dan als veele menfchen verrafcht en in perijkel geko-men zijn, weten zij fijntjens haer aenftaende perijkel op een an-der te fchuwen, en haer daer foetjens uyt te draeijen, brengendeeen ander in gelijke gevaer. Dit is een rechte…
Emblem books, Dutch · Emblems
Internet Archive · Duke University Libraries · Public Domain Mark 1.0. Free to use for anything.