Vorstelijcke warande der dieren : waer in de zeden-rijcke philosophie, poëtisch, morael, en historiael, vermakelijck en treffelijck wort voorgestelt : mit exempelen uyt de oude historien, in prose (1682)
Vondel, Joost van den, 1587-1679, Gheeraerts, Marcus, b. ca. 1520 · Amsterdam : Sander Wybrantsz, Jan Blom, Andries Vinck, en Aert Dircksz. Oossaen · leaf 261
afgefmeert met flagen*Het Dme J^opken dacht, Nu zie ick hoeter gaet,K heb oorzaeck om vernoeght te zijn met mijnenItaet:Vermids men andren vind in fteden en in dorpen,Die veel meer flavernije, als ick, zijn onderworpen. 5, Wie op zijn minder ziet,wanneer hem therce wroeght,„ Kan lichtlijck in zijn… … At ïlfoo heeft in zijn döotbed gantfchvrolijck endelieflijck ge--^*fongen die Eerweerdige man-Gods BeJa. Daeroverhaerveelverwondert ende hem gevraegt hebben ^ waerom hij foo vrolijck.fanck ? Die falige man^Gods antwoorde: Soude ick niet vrolijck.zingen, nadien ick zie ende beken, dat die droevige…
Emblem books, Dutch · Emblems
Internet Archive · Duke University Libraries · Public Domain Mark 1.0. Free to use for anything.