Het Overvloeijend Herte : of Nagelatene Verzen (1767)
Luiken, Jan, 1649-1712, Noorde, Cornelis van, 1731-1795 · Te Haarlem gedrukt : by C. H. Bohn · leaf 177
iet na den vleefe wandelen^maar na den Geeji, I Kor: I. vers 23 en 24. Wy prediken Chriftus den gekruiftgden,den Jooden wel eene ergernis, en den Grieken€ene dwaasheid: Maar haar die geroepen zyn, heide Joo-den en Grieken, [/prediken wy ] Chrijius dekragt Gods en de wysheid Gods: Gal: III vers 13.… … Noch een kleinen \ tyd^ ] en de voeereldzal my niet meer zien: maar gy zult myzien: want ik leeve en gy zult keven, Joan:XIV. V. ip. op H E R T E. i57 Op Figuur LI.6 1^ croom der Liefelyke reden! Die, uit den waardft en klaarflen mond.Zoo heilzaam afvloeid na beneden, Op dat de Dorft verkwikking…