Het Overvloeijend Herte : of Nagelatene Verzen (1767)
Luiken, Jan, 1649-1712, Noorde, Cornelis van, 1731-1795 · Te Haarlem gedrukt : by C. H. Bohn · leaf 281
verhard uw berte 7Üet. Jesa: LV. vers 6 en 7. Zoekt den HEERE terwyle Hy te vindenis: roept Hem aan terwyle dat Hy naby is. De godlooze verlaate zynen zveg^ en de on-geregtige Man zyne gedagten: en hy bekeer ezig tot den HEER E, zoo zal Hy hem zynerontfermen: en tot onzen God, want Hy crr-geeft… … Voortvaar^ voorwaar zegge ik u^ de uurekomt^ en is nu^ wanneer de dooden zullenhoor en de fiemme des Zoons Gods, en die zegehoord Mben, zullen keven. Joan: V.v.25. Op II E R T E, 261 Op Figuur LXXXIV. T ó leugd, bespiegel i-i mei: my. En denk, hoe die gcbeent voor deezen..Zoo fris en bloeijend was…